De Nieuwe Passie

Tijdens de voorstelling De Nieuwe Passie in de Scheveningse Bethelkerk presenteert Reinoud van Vught een dubbele kruisweg van crucifixen en stervende zonnebloemen. Deze kunstwerken zijn ontstaan nadat de jonge zoon van de kunstenaar overleed aan een spierziekte. Kerk in Den Haag ging met hem in gesprek.

De Nieuwe Passie combineert jaarlijks kunst en klassieke muziek rondom het passieverhaal. Wanneer Reinoud van Vught op zondagavond 22 maart in de Bethelkerk zijn kunstwerken presenteert, speelt het orkest Ars Musica onder leiding van Patrick van der Linden werken van Vivaldi en Graupner.

 Oerbeeld
‘Ik ontdekte een eigen techniek toen ik na de kunstacademie een atelier had op de zolder van een klooster in Tilburg’, vertelt Van Vught. ‘Ik wist niet goed wat ik wilde schilderen. Op die zolder lagen verschillende katholieke beelden. Ik heb geprobeerd die na te schilderen, maar ik voelde me ontevreden en machteloos bij het resultaat. Ik wilde in mijn werk meer fysieke kracht leggen en zocht naar een oerbeeld. Uit pure onmacht en misschien ook wel onkunde heb ik toen grote vellen papier met terpentine besprenkeld en over een beeld heen gelegd: dat maakt het papier zachter zonder dat het scheurt. Zo kon ik met krijt, dat door terpentine wat vloeibaarder wordt, een afdruk van het beeld maken. Het resultaat deed me denken aan een hemelvaart, alsof het beeld vanuit een landschap opsteeg. De beelden werden daarmee tot leven gewekt en dat voelde als een bevrijding. In de jaren tachtig en negentig was het klooster een van de laatste rooms-katholieke bolwerken in de stad. Het was de tijd waarin religie “uit” was, er lag een stigma op en dat was ook zo in de wereld van de kunsten. De kunst was in die tijd streng en modernistisch. En van mij moest het fysiek zijn.’ Hoewel van Vught rooms-katholiek is grootgebracht had hij er zelf ook niet veel mee. ‘Maar ik kom er wel vandaan’, stelt hij. ‘Het zijn mijn wortels.’

‘Het kruis staat

voor geboren worden

en voor sterven’

Dubbele betekenis
Voor de veertien kunstwerken in de Bethelkerk gebruikte Van Vught een gelijksoortige techniek. Een crucifix wordt in een dikke laag pasteuze olieverf gedrukt en er daarna aan onttrokken. Het kruis laat vervolgens een diepe indruk achter. Deze kunstwerken komen voort uit de trieste gebeurtenis dat vijf jaar geleden zijn jonge zoon Max overleed aan een spierziekte. Van Vught: ‘Zowel bij de geboorte van Max als bij zijn sterven kwam er heel veel liefde vrij. Dat was een vreemde ervaring. Het is het moment dat je weet waarom het gaat in het leven. Andere dingen doen er dan niet meer toe. Het is een oerervaring. Ik kan dat niet uitleggen, maar het is voor mij een noodzaak om te proberen het in beelden weer te geven. Het kruis heeft voor mij een dubbele betekenis en staat voor geboren worden en sterven. Max stierf toen wij in Frankrijk waren, omringd door bloeiende zonnebloemen. Toen ik een jaar later weer in de nazomer in Frankrijk was, waren de zonnebloemen stervende. Ik wist: daar moet ik iets mee gaan doen, zo kom ik dicht bij wat wezenlijk is.’ En zo tekent Van Vught nog steeds stervende zonnebloemen: donker, zwart, van de zon afgekeerd, met hangende koppen. ‘Het is wel een zwaar thema’, verzucht hij aan het eind van ons gesprek. Maar al pratend komen we op dezelfde schijnbare tegenstrijdigheid als zijn gevoel dat geboren worden en sterven verwant zijn: de stroom van liefde die vrijkomt speelt door alles heen en maakt die tegengestelde ervaringen tot een eenheid. Hoe dat precies werkt blijft een mysterie, in elk geval voor ons verstand en de beperkte taal van woorden. Voor Van Vught is het beeld zijn taal – en die taal mag voor zichzelf spreken.

Greet Kappers

 

Zondag 22 maart 19 u. Bethelkerk, Jurriaan Kokstraat 175, Scheveningen.
Toegang gratis, maar reservering noodzakelijk via www.denieuwepassie.nl