‘Meng geloof niet met politiek’, stelt Tom Mikkers. Rob van Essen kijkt daar toch iets anders tegenaan, geïnspireerd door ds. Jan Buskes en Martin Luther King.

‘Ons hart zit links en ons bloed is rood’ is een uitspraak van ds. Jan Buskes (1899-1980), die mij bij mijn bevestiging tot predikant in 1978 de zegen gaf. Hij kon zich niet verenigen met de synodaal-gereformeerde uitspraak dat de slang in het paradijs ‘zintuigelijk waarneembaar’ had gesproken. Via het Hersteld Verband werd hij uiteindelijk hervormd predikant in Amsterdam, met als bijzondere opdracht het pastoraat onder de arbeiders.

Buskes was een profetisch figuur. Ver voor de Tweede Wereldoorlog waarschuwde hij binnen en buiten de kerk tegen het opkomend fascisme. Na de oorlog werd hij, tot schrik van velen, lid van de Partij van de Arbeid. Toen de regeringspartijen zwegen, veroordeelde hij de apartheid in Zuid-Afrika scherp. Ook steunde hij de campagnes van ds. Martin Luther King tegen de rassenscheiding in de Verenigde Staten. King werd in 1963 gevangengezet omdat hij een geweldloos protest leidde tegen het racisme in Birmingham. Een aantal welwillende dominees schreef hem dat het ‘nog niet de tijd was’ en dat de demonstraties onrust gaven in de stad. King schreef hun vanuit zijn cel een brief: ‘Te midden van grote onrechtvaardigheden jegens de neger, heb ik blanke kerkvaders aan de kant zien staan, met gevouwen handen en de mond vol irreële kanseltaal en heilige trivialiteiten’ (opgenomen in: Waarom wij niet langer kunnen wachten).

Gevestigde wanorde
Natuurlijk heeft Tom gelijk als hij met ‘extreme voorbeelden’ komt. Ik vind het ook verschrikkelijk als de aartsbisschop van Moskou president Poetin met alle egards ontvangt, en dan durft beweren dat iedere soldaat die crepeert in de Oekraïense hel regelrecht naar het paradijs gaat. Maar er is ook het ‘extremisme van de liefde’, dat King van Jezus had afgekeken. Ds. Jan Buskes had, van zijn hart geen moordkuil makend, altijd veel waardering voor geloofsgemeenschappen waar kruis en opstanding van Christus verkondigd werden. Zo gaf hij jarenlang les aan de kweekschool van het Leger des Heils, waar officieren werden opgeleid. Natuurlijk is het evangelie geen ‘programma’, maar het staat wel haaks op onze gevestigde wanorde: mensenrechten worden geschonden en in Gaza liggen niet twaalf stenen, maar genoeg puin om het Meer van Galilea te dempen. Ik meen dat Tom in zijn voorzet het woestijnverhaal geen recht doet. Wie tegen Mozes in opstand kwamen, werden met melaatsheid geslagen of uitgeroeid. Ik weet ook wel dat hier historisch meer over te zeggen valt, maar het gaat om de keuze tussen leven of dood op weg naar het beloofde land! Zeker, politiek mag ruziemaken over de route, maar christenen onderling zullen er – soms met pittige discussies – samen uit moeten komen of ze Jezus navolgen óf de afgoden van geweld en mensverachting. In de kerk moeten we ook tegengesproken worden.

Rob van Essen